Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Zorgbalans

Kosten

In Zorguitgaven van deze Zorgbalans staan de kosten van de zorg beschreven. We kijken achtereenvolgens naar de totale zorguitgaven en naar de uitgaven in onderdelen van de zorg waar al wat langer sprake is van meer concurrentie (B-segment, huisartsenzorg, preferentiebeleid, fysiotherapie).

  • De totale zorguitgaven zijn gestegen. Deze stijging is niet kleiner geworden na de invoering van de Zvw. Voor de publieke zorguitgaven per werkende is zelfs een flinke stijging na invoering van de Zvw zichtbaar. Daar is duidelijk sprake van een trendbreuk waarbij de ontwikkeling van de uitgaven zich in 2006 en de jaren daarna op een hoger niveau voortzet (zie figuur 1). De stijging wordt veroorzaakt door de invoering van de verplichte basisverzekering in 2006 waarbij de kosten van voormalig particulier verzekerden nu ook onderdeel zijn gaan uitmaken van de publieke uitgaven.
  • De zorguitgaven als percentage van het bruto binnenlands product liggen rond het EU gemiddelde. Het percentage is in vrijwel alle landen in de loop van de tijd toegenomen. In Nederland was de groei tussen 2000 en 2007 bovengemiddeld. Een toename van het volume zorgt de laatste jaren voor het grootste deel van de uitgavenstijging. De uitgaven worden bepaald door de prijzen en het volume. Van concurrentie wordt verwacht dat dit in elk geval invloed heeft op de prijzen.
  • Sinds de invoering van de nieuwe bekostigingsstructuur in 2006 zijn de totale kosten van de huisartsenzorg sterk gestegen (NZa, 2009b, Van Dijk et al., 2008). De gemiddelde omzet per huisarts is in 2006 met € 39.000 toegenomen. In 2007 bedroeg de toename € 12.000.
  • Per 1 juli 2009 is een aantal zorgverzekeraars gestart met een individueel preferentiebeleid. De prijzen van merkloze geneesmiddelen zijn daardoor flink gedaald (NZa, 2009c). Met het dalen van de prijzen is het volume gestegen, waardoor de totale kosten niet zijn gedaald.
  • Na het vrijgeven van de prijzen in de fysiotherapie in 2005 deed zich aanvankelijk een stijging in de prijzen voor. De prijzen zijn in 2007 gestabiliseerd (NZa, 2007e). Het volume is echter nog wel gestegen (CBS, 2008f).

Samenvattend kan geconcludeerd worden dat concurrentie wel een neerwaarts effect heeft op een aantal prijzen, maar dat het zorgvolume ondertussen stijgt. Als gevolg hiervan stijgen de macrokosten.

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • CBS, Centraal Bureau voor de Statistiek.Gezondheid en zorg in cijfers 2008. Den Haag: CBS, 2008f.
  • Dijk L van, Volkers A, Wolters I, Bakker D de.Het gebruik van elektronische formularia in de huisartspraktijk. Utrecht: NIVEL, 2008.
  • NZa, Nederlandse Zorgautoriteit.Monitor fysiotherapie 2007. Is de markt voor fysiotherapie definitief klaar voor vrije prijzen? Utrecht: NZa, 2007e.
  • NZa, Nederlandse Zorgautoriteit.Monitor Huisartsenzorg 2008. Analyse van het nieuwe bekostigingssysteem en de marktwerking in de huisartsenzorg. Utrecht, 2009b.
  • NZa, Nederlandse Zorgautoriteit.Monitor contractering farmacie 2009. Eerste ervaringen met flexibel tarief. Utrecht: NZa, 2009c.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

EU
Europese unie
Zvw
Zorgverzekeringswet
Zorgbalans, versie 3.2, 22 december 2011
© RIVM, Bilthoven.