Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Zorgbalans
Op hoofdlijnen

Kwaliteit niet altijd optimaal

Een aantal indicatoren laat zien dat ook de kwaliteit van zorg voor verbetering vatbaar is. De sterfte binnen 30 dagen na een ziekenhuisopname voor een acute aandoening (hartinfarct, hersenbloeding, herseninfarct) is in Nederland ongeveer twee maal zo hoog als in de Europese landen met de laagste sterfte. Patiënten die chirurgische ingrepen ondergaan aan staar, spataderen, rughernia, heup of knie, ervaren niet altijd verbetering na de operatie. Heupingrepen en staaroperaties scoren het best: 65% van de vermogens gaat er op vooruit.

Ondanks dat in de sector voor de langdurige zorg hard gewerkt wordt aan verantwoorde zorg, staan in de instellingen voor verpleging en verzorging de kwaliteit en de veiligheid van de geleverde zorg onder druk door een combinatie van factoren: moeilijk vervulbare vacatures, toename van de zorgzwaarte en een hoge werkdruk voor het verplegend personeel. De veelal sterk afhankelijke bewoners zijn weliswaar over het algemeen tevreden over de zorg, maar een kwart van de vertegenwoordigers van psychogeriatrisch patiënten zegt dat er nooit genoeg tijd is voor de cliënt, slechts 22% antwoordt ‘altijd’. Onderzoek naar morele dilemma’s laat zien dat veel van de zorgverleners het gevoel hebben niet de zorg te kunnen bieden die nodig is en dat zij voortdurend worstelen met onderbezetting en werkdruk.

Van de vertegenwoordigers van psychogeriatrische patiënten noemt slechts een derde de lichamelijke verzorging altijd goed. Bij mensen die vallen worden te weinig preventieve maatregelen genomen om herhaling te voorkomen.

Ook de coördinatie van zorg kan beter. Vier op de tien reumapatiënten moeten meerdere keren hetzelfde verhaal vertellen aan verschillende zorgverleners, bij diabetespatiënten is dat percentage 10%. Op het punt van ervaren veiligheid scoort de zorg internationaal gezien gunstig, maar is er nog wel degelijk sprake van onveilige situaties die om verbetering vragen: één op de zes patiënten ervaart een kleinere of grotere medische fout in hun behandeling, en ten minste 7% van de bewoners van instellingen voor verpleging en verzorging krijgt in één maand te maken met een medicijnincident.

figuur 2.3.2

Figuur 1: Percentage mensen dat na opname in het ziekenhuis voor een acuut myocardinfarct, binnen 30 dagen overlijdt, 2005 voor Nederland en 2006-2007 voor overige landen; Nederland, Verenigde Staten, West-Europa, hoogst scorende en laagst scorende land (Bron: OECD, 2009a).

*Denemarken, Finland, Ierland, Italië, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Zweden

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • OECD, Organisation for Economic Co-operation and Development.OECD Health Data 2009. Paris, 2009a.
Zorgbalans, versie 3.2, 22 december 2011
© RIVM, Bilthoven.