Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Zorgbalans

Tenminste 7% van de bewoners in instellingen voor verpleging en verzorging krijgt in een periode van dertig dagen te maken met een medicijnincident

Gemiddeld werd bij 7,2% van de cliënten in een instelling of vestiging voor verpleging en verzorging een medicijnincident geregistreerd in een periode van dertig dagen. Onder medicijnincidenten wordt verstaan:

  • medicijn niet gegeven,
  • verkeerde dosering gegeven,
  • medicijn op verkeerd tijdstip gegeven,
  • cliënt heeft medicijn niet ingenomen,
  • verkeerd medicijn gegeven,
  • overig.

Omdat aannemelijk is dat veel medicijnincidenten niet eens zullen worden opgemerkt of geregistreerd, kan het cijfer als een soort minimale score worden opgevat. Ongeveer 10% van de instellingen rapporteert geen enkel medicijnincident. Onduidelijk is of deze instellingen niet registreren of dat zich nauwelijks incidenten voordoen.

Figuur 1 geeft de spreiding tussen instellingen weer. Ruim 63% van de instellingen heeft een waarde op de prestatiescore die op of onder de verwachte waarde (1) ligt. 18% heeft een score van 1,5 of hoger. Dit betekent dat het aantal medicijnincidenten 50% hoger ligt dan verwacht zou mogen worden. Ook hier kan juist goede registratie mogelijk tot een hogere score leiden. Een klein aantal instellingen, ongeveer 3%, rapporteert aantallen die drie of vier keer zo hoog zijn als de verwachte waarde. In de figuur is één instelling buiten beschouwing gelaten, deze had een score van 8. De variatiecoëfficiënt bedroeg 0,64.

fig252

Figuur 1: Medicijnincidenten in dertig dagen naar instelling of vestiging, 2008 (N=1226; prestatieindexscores (oorspronkelijk percentage gedeeld door gemiddelde) (Bron: Databank jaarverslagen zorg).

.

Bronnen en Literatuur

Bronnen

  • Databank jaarverslagen zorg. Databank jaarverslagen zorg. Bewerkt door Kiwa Prismant en RIVM
Zorgbalans, versie 3.2, 22 december 2011
© RIVM, Bilthoven.