Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Zorgbalans

Nederland is een van de koplopers in Europa ten aanzien van de beschikbaarheid van palliatieve zorgvoorzieningen en de ontwikkeling van dit werkveld

Binnen de meeste zorgsystemen is de aandacht voor en de erkenning van palliatieve zorg als een vorm van zorg die specifiek aandacht en expertise behoeft, van recente aard. Martin-Moreno et al., 2008 beschreven de stand van zaken rondom palliatieve zorg in de Europese Unie. Zij concludeerden dat het veld van de palliatieve zorg in de meeste Europese landen volop in beweging is. Overal ontstaan gespecialiseerde voorzieningen en initiatieven om te werken aan betere en meer samenhangende palliatieve zorg. Op basis van eerdere studies maakten Martin-Moreno et al., een rangordening van landen naar beschikbaarheid van palliatieve zorgvoorzieningen en de mate waarin het veld in ontwikkeling is. Dit laatste wil zeggen dat er sprake is van een kritische groep professionals die initiatieven ontplooit die vermoedelijk zullen leiden tot een verdere ontwikkeling van een goed palliatief zorgaanbod (Wright et al., 2008).

De rangordening van Martin-Moreno et al. is weergegeven in figuur 1. De figuur laat zien dat het Verenigd Koninkrijk koploper is binnen Europa. De index is voor het Verenigd Koninkrijk gesteld op 100%. Nederland neemt in deze rangordening de vierde plek in met een score van 85%. De rangordening drukt niet de feitelijke kwaliteit van palliatieve zorg uit, maar geeft wel een indicatie van de ontwikkeling van dit veld binnen een land.

Het is nog niet mogelijk om algemene uitspraken te doen over de kwaliteit van de palliatieve zorg in Nederland. Het meten van kwaliteit op dit terrein staat nog in de kinderschoenen, maar is wel volop in ontwikkeling.

Enkele studies die binnen Nederland zijn verricht, wijzen er op dat patiënten en hun naasten tevreden zijn over de palliatieve zorg. Vooral de aandacht en aanpak van fysieke aspecten (pijn en andere symptomen) door artsen en verpleegkundigen scoort redelijk tot goed. De voornaamste tekortkomingen die naar voren kwamen liggen op subjectieve, psychosociale en spirituele gebieden (Van den Akker & Luijkx, 2005; Brandt, 2007; Groot, 2007).

figuur 2.8.1

Figuur 1: Rangordening van landen op aanbod van palliatieve zorginstellingen en mate van ontwikkeling van het veld (relatieve score; Verenigd Koninkrijk = 100) (Bron: Martin-Moreno et al., 2008).

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Akker P van den, Luijkx K.Waar wilt u doodgaan? Keuzen en overwegingen. Tilburg: IVA, 2005.
  • Brandt H.Palliative care in dutch nursing homes. Amsterdam: VU Medisch Centrum, 2007.
  • Groot M.Supporting patients and professionals in primary palliative care. Nijmegen: Radboud Universiteit, 2007.
  • Martin-Moreno JM, Harris M, Gorgojo L, Clark D, Normand CH, Centeno C.Palliative Care in the European Union. Brussels: European Parliament, Policy Department, Economic and Scientific Policy, 2008.
  • Wright M, Wood J, Lynch T, Clark D.Mapping Levels of Palliative Care Development: A global view. J Pain Symptom Manag, 2008; 35(5): 469-485.
Zorgbalans, versie 3.2, 22 december 2011
© RIVM, Bilthoven.