De deelname aan preventieve screeningen is hoog en neemt nog altijd toe. Meer dan acht op de tien vrouwen in de doelgroep deden in 2009 mee aan de borstkankerscreening, twee derde deed in 2008 mee aan het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker, en vrijwel alle pasgeborenen kregen in 2009 een hielprik
Deelname aan preventieve screeningen vanaf 2001 is in tabel 1 weergegeven: het bevolkingsonderzoek borstkanker, het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker, de prenatale screening infectieziekten en erytrocytenimmunisatie, de gehoorscreening en de hielprikscreening bij pasgeborenen.
Bevolkingsonderzoek Borstkanker
De deelname aan het bevolkingsonderzoek naar borstkanker is in de loop der jaren licht toegenomen. In 2009 liet 81,5% van de doelgroep (vrouwen van 50 t/m 75 jaar) zich onderzoeken. De heeft een opkomstpercentage van 75% als norm gesteld, het ministerie van streeft naar een percentage van 83% of meer (). Beide normen worden door Nederland gehaald.
Bevolkingsonderzoek Baarmoederhalskanker
Baarmoederhalskanker wordt veroorzaakt door een infectie met het humaan papilloma virus (HPV). Een voorstadium van baarmoederhalskanker kan worden opgespoord met behulp van een uitstrijkje. Twee derde (66%) van de vrouwen binnen de doelgroep (vrouwen tussen 30 en 60 jaar, eens per vijf jaar) liet in 2008 een uitstrijkje maken in het kader van het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker. Dit opkomstpercentage is vrij stabiel. Het ministerie van VWS streeft naar een deelname van meer dan 65% in 2011 (). Het is moeilijk om internationale vergelijkingen te maken, omdat leeftijdsgrenzen van de beoogde doelgroep en de frequentie waarmee gescreend wordt per land variëren.
Internationale vergelijking participatiegraad kankerscreening
In tabel 2 en 3 staat van een reeks Europese landen, waaronder Nederland, weergegeven voor welk percentage van de doelgroep de screening op baarmoederhalskanker en borstkanker is uitgevoerd in 2008. In de tabel staan ook per land de leeftijdscategorieën van de doelgroep weergegeven.
In Nederland worden alle vrouwen tussen 30 en 60 jaar voor baarmoederhalskankerscreening uitgenodigd. 65 procent van de vrouwen die worden uitgenodigd laat zich daadwerkelijk screenen op baarmoederhalskanker. In deze internationale vergelijking is dat de hoogste participatiegraad.
Net als in Cyprus, Denemarken, Frankrijk, Duitsland en Noorwegen, worden in Nederland alle vrouwen in de doelgroep uitgenodigd voor borstkankerscreening. De leeftijdsrange van de doelgroep verschilt wel,vooral de bovengrens. Nederland is vrij uitzonderlijk door vrouwen tot 75 jaar voor borstkankerscreening uit te nodigen. In Frankrijk hanteert men een bovengrens van 74, maar in veel andere landen worden vrouwen tot hun 69ste uitgenodigd.
In Nederland deed 80% van de vrouwen mee aan de borstkankerscreening in 2008. Dat is in deze internationale vergelijking na Finland de op één na hoogste participatiegraad.
Prenatale Screening Infectieziekten en Erytrocytenimmunisatie
Jaarlijks worden ongeveer 185.000 zwangere vrouwen gescreend in het programma Prenatale Screening Infectieziekten en Erytrocytenimmunisatie (PSIE). Hiermee heeft dit bevolkingsonderzoek een zeer hoog bereik (>99%) ().
De Prenatale Screening Infectieziekten en Erytrocytenimmunisatie (PSIE) is een landelijk bevolkingsonderzoek waarbij zwangere vrouwen tijdens het eerste verloskundig consult een bloedonderzoek aangeboden krijgen. Het bloed wordt gescreend op hepatitis B, syfilis (lues), rhesus-factor (bloedgroep), de aanwezigheid van afweerstoffen tegen rode bloedcellen (irregulaire erytrocyten antistoffen (IEA)) en sinds 1 januari 2004 ook op . Na de eerste bloedafname die bij voorkeur vóór de 13e week in de zwangerschap plaatsvindt, kunnen er binnen het bevolkingsonderzoek verschillende vervolgacties in gang gezet worden als de resultaten daartoe aanleiding geven.
Neonatale gehoorscreening
Het deelnamepercentage van pasgeboren kinderen (ongeveer 185.000 per jaar) aan de eerste screeningsronde van de Neonatale gehoorscreening is gemiddeld 99,5% in de regio’s waar gehoorscreening in combinatie met de hielprik wordt aangeboden. Van de gescreende kinderen wordt 0,26% doorverwezen naar een audiologisch centrum. Uit verdere diagnostiek blijkt dat bij 48% van alle doorverwezen kinderen sprake is van een blijvend gehoorverlies aan één of beide oren (32% dubbelzijdig en 16% enkelzijdig, respectievelijk 154 en 79 kinderen) ().
Hielprik
Vrijwel alle pasgeborenen kregen in 2009 op of voor de leeftijd van acht dagen een hielprik. Met een bereik van 99,8% kan de hielprikscreening bijzonder succesvol worden genoemd. Het percentage ligt ruim boven de norm van 90% die is opgenomen in de richtlijn voor de hielprik en het streven van 99% van het ministerie van . Vanaf 1 mei 2011 is screening op cystic fibrosis, taaislijmziekte, toegevoegd aan de hielprik, waardoor er in totaal op 18 ziekten wordt gescreend.
Tabel 2: Baarmoederhalskankerscreening, participatie en leeftijd doelgroep (Bron: ).
|
VK
|
79,1
|
25-65
|
|
Noorwegen
|
77,0
|
25-69
|
|
Nederland
|
65,0
|
30-60
|
|
Hongarije
|
52,6
|
25-65
|
|
Spanje
|
41,5
|
25-65
|
|
Ierland
|
21,8
|
25-60
|
|
Estland
|
20,0
|
30-59
|
|
Frankrijk, Bas-Rhin
Frankrijk, Haut-Rhin
|
11,3
10,2
|
26-65
25-65
|
Tabel 3: Borstkankerscreening, participatie en leeftijd doelgroep (Bron: ).
|
Finland
|
87,0
|
50-69
|
|
Nederland
|
80,0
|
50-75
|
|
Denemarken
|
76,6
|
50-59
|
|
VK
|
76,4
|
50-64/70
|
|
Noorwegen
|
76,0
|
50-69
|
|
Luxemburg
|
63,8
|
50-69
|
|
Duitsland
|
55,0
|
50-69
|
|
Frankrijk
|
49,3
|
50-74
|
|
Cyprus
|
48,0
|
50-69
|
|
België
|
26,1
|
50-69
|