Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Zorgbalans
Vermijdbare opnamen in Nederland Internatione vergelijking Mogelijke aangrijpingspunten

Ruim 25.000 ziekenhuisopnamen voor astma en COPD in Nederland, maar ten opzichte van andere westerse landen is dit tamelijk weinig. Astma en COPD zijn aandoeningen waarvoor ziekenhuisopnamen grotendeels vermijdbaar zijn.


In 2007 bijna 26.000 ziekenhuisopnamen voor astma en COPD in Nederland

In 2007 vonden in Nederland ruim 3.700 opnamen plaats voor astma en 22.000 voor COPD (zie tabel 1). Astma en COPD zijn aandoeningen waarvoor ziekenhuisopnamen grotendeels vermijdbaar zijn. Afgezet tegen het aantal patiënten dat bij de huisarts bekend is met astma of COPD, gaat het in totaal om respectievelijk 1,0 en 8,1 opnamen per 100 patiënten met astma en COPD van 15 jaar en ouder. De kans voor COPD-patiënten om opgenomen te worden neemt toe met de leeftijd, voor astmapatiënten is vooral voor vrouwen boven de 70 jaar de kans op ziekenhuisopname verhoogd (gegevens niet weergegeven).

Uit de gepresenteerde cijfers blijkt dat opnamen voor astma en COPD allerminst zeldzaam zijn. Enige voorzichtigheid omtrent deze cijfers is op zijn plaats, omdat wij ons bij deze berekening baseerden op verschillende bronnen (teller LMR en noemer huisartsenregistraties), en niet op onderzoek waarbij patiënten gevolgd werden. Patiënten die niet bekend zijn in de huisartsenpraktijk, tellen niet mee in de noemer van de indicator, maar wel in de teller. Het risico per patiënt zal daarom wat overschat zijn. Een studie op basis van de cijfers uit de Tweede Nationale Studie uit 2001 waarbij gegevens van astmapatiënten uit de huisartsenregistratie gekoppeld werden aan de LMR, berekende 0,092 opnamen per jaar per 100 kinderen van 0-17 jaar met astma (Uijen et al., 2010). Er werden geen cijfers voor volwassenen berekend.

Tabel 1: Vermijdbare ziekenhuisopnamen met als hoofddiagnose respectievelijk astma en COPD in Nederland in 2007 voor personen van 15 jaar of ouder (Bronnen: door CBS beschikbaar gestelde bestanden met gegevens uit de LMR, gekoppeld met gegevens uit de GBA, en Nationaal Kompas Volksgezondheid: cijfers astma en Nationaal Kompas Volksgezondheid: cijfers COPD; databewerking RIVM).

Maat

Mannen

Vrouwen

Totaal

Astma

Absoluut aantal opnamen

1.090

2.650

3.740

Aantal opnamen per 100.000 inwoners

16,5

37,7

27,5

Aantal opnamen per 100 patiënten

0,72

1,27

1,04

COPD

Absoluut aantal opnamen

11.420

10.610

22.030

Aantal opnamen per 100.000 inwoners

189,2

135,7

154,4

Aantal opnamen per 100 patiënten

7,8

8,4

8,1

Naar boven


In vergelijking met andere westerse landen weinig vermijdbare ziekenhuisopnamen in Nederland

In het OECD 'Health Care Quality Indicators Project' is voor astma en COPD in kaart gebracht hoe vaak deze in de OECD-lidstaten optreden. Voor astma behoort Nederland tot de landen met een laag aantal vermijdbare opnamen per 100.000 inwoners (zie figuur 1). Voor COPD doet Nederland het relatief wat slechter dan voor astma, maar zit lager dan de meeste andere OECD-landen (zie figuur 2). De cijfers voor Nederland hebben betrekking op 2007, die van de meeste andere landen op 2008 of 2009. Opvallend is dat Zweden, Portugal en Italië voor zowel astma als COPD een laag opnamecijfer hebben (lager dan Nederland), en de Angelsaksische landen VS, VK, Australië en Ierland juist een hoog opnamecijfer. Voor astma heeft ook Canada een laag opnamecijfer, voor COPD ook Frankrijk en Zwitserland.

Behalve voor astma en COPD, is in het OECD-project ook voor hartfalen, acute complicaties van diabetes mellitus, chronische complicaties van diabetes, amputaties van (delen van) het been bij diabetespatiënten en verhoogde bloeddruk bepaald hoe vaak ziekenhuisopnamen hiervoor optreden. Hier worden alleen cijfers voor astma en COPD gepresenteerd, omdat de cijfers voor de andere aandoeningen bij het schrijven van deze pagina nog niet gepubliceerd zijn.

Vermijdbare ziekenhuisopnamen astma

Figuur 1: Aantal vermijdbare ziekenhuisopnamen met als hoofddiagnose astma per 100.000 inwoners voor een selectie van OECD-lidstaten (Bron: OECD, 2011).

In alle landen worden vrouwen aanzienlijk vaker opgenomen dan mannen

Opmerkelijk is het geslachtsverschil in alle landen. Vrouwen hebben ruim 2 keer zoveel kans om opgenomen te worden voor astma als mannen. Dat na de puberteit astma vaker voorkomt en mogelijk ernstiger is bij vrouwen dan bij mannen is in veel studies reeds beschreven. Exacte oorzaken zijn niet bekend, maar deze zouden te maken kunnen hebben met versterkte immunologische reacties bij vrouwen als gevolg van de interactie van hormonale veranderingen tijdens de pubertijd met een genetische gevoeligheid (Postma, 2007). Daarnaast komt uit onderzoek naar voren dat vrouwen bij dezelfde mate van luchtwegobstructie, meer symptomen en een slechtere kwaliteit van leven ervaren dan mannen (Kynyk et al., 2011a). Gesuggereerde oorzaken voor dat verschil zijn sterkere angstgevoelens bij vrouwen en een slechtere techniek bij het gebruik van een inhalator. Verder wordt gewezen op een grotere gevoeligheid van de luchtwegen voor prikkels, met name sigarettenrook. Een en ander pleit ervoor om bij de behandeling van astma rekening te houden met seksespecifieke factoren (Postma, 2007; Kynyk et al., 2011a). Bij COPD is in de meeste landen de kans op een opname voor mannen juist groter, waarschijnlijk als gevolg van de hogere prevalentie van roken onder mannen.

Vermijdbare ziekenhuisopname COPD

Figuur 2: Aantal vermijdbare ziekenhuisopnamen met als hoofddiagnose COPD per 100.000 inwoners voor een selectie van OECD-lidstaten (Bron: OECD, 2011).

Naar boven


Aangrijpingpunten voor verbetering liggen op vele terreinen

Het aantal ziekenhuisopnamen voor astma en COPD per 100.000 inwoners zijn indicatoren van de kwaliteit van de preventie én ambulante zorg bij deze ziekten. Goede ambulante zorg kan ziekenhuisopnamen grotendeels voorkómen. Onder ambulante zorg valt onder andere huisartsenzorg, poliklinische zorg, thuiszorg en zorg van openbare apotheken. Ook preventie kan opnamen voorkómen, want als mensen minder roken en minder blootgesteld worden aan binnen- en buitenluchtverontreiniging is hun kans op het krijgen van een chronische longaandoening kleiner, en daarmee de kans op een ziekenhuisopname daarvoor.

Acute aanvallen en verslechteringen van de longfunctie (exacerbaties) kunnen veelal voorkómen worden door behandeling met luchtwegverwijders, inhalatiecorticosteroïden en zonodig aanvullende medicatie. Bij onvoldoende reactie op de medicatie bij een zeer ernstige aanval, bij luchtweginfecties of bij respiratoire insufficiëntie (zuurstoftekort en onvoldoende uitademing van koolzuur) kan de toestand van de patiënt zodanig verslechteren dat een ziekenhuisopname noodzakelijk wordt.

Mogelijke oorzaken van opname bij astma

Uit veelal buitenlands onderzoek blijkt dat er bij opnamen voor astma vaak sprake is van onderbehandeling. Ook is er soms verkeerd gebruik van dosisaërosol of poederinhalator (Reeves et al., 2006Grant et al., 2005). Bij ouderen met astma komt soms overbehandeling met potentieel gevaarlijke combinaties voor (Wolfenden et al., 2002). Uit de Nederlandse HARM-studie, waarin is onderzocht hoe vaak ziekenhuisopnamen zijn gerelateerd aan problemen met gebruik van geneesmiddelen, bleek dat luchtwegmedicatie relatief vaak aanleiding geeft voor vermijdbare geneesmiddelgerelateerde opnamen (Van den Bemt et al., 2006; pagina 45). Andere risicofactoren voor acute ziekenhuisopname zijn sociale achterstand, wonen in een stad, roken en goede toegankelijkheid van ziekenhuizen in de buurt (afstand tot een SEH en aantal bedden per inwoner). Dit blijkt uit Engels onderzoek onder patienten in de huisartsenpraktijk (Purdy et al., 2011).

Mogelijke oorzaken van opname bij COPD

Ook bij COPD komt onderbehandeling, overbehandeling en verkeerd gebruik van inhalatoren vaak voor (Restrepo et al., 2008). Uit Engels onderzoek in huisartsenpraktijken blijkt dat in praktijken waar de prevalentie van gediagnosticeerde COPD, ongediagnosticeerde COPD en roken hoog is, de kans op een acute ziekenhuisopname hoger is. Ook wanneer de praktijk zich in de stad bevindt en de praktijkpopulatie een sociale achterstand heeft, is het risico op een acute ziekenhuisopname verhoogd. Influenza-vaccinatie, goede toegankelijkheid van de praktijk en beschikbaarheid van huisartsen en praktijkverpleegkundigen in de regio verlagen het risico (Calderon-Larranaga et al., 2011; Purdy et al., 2011). Goede toegankelijkheid van het ziekenhuis (korte afstand tot een SEH en hoog aantal bedden per 1000 inwoners) bleek ook samen te hangen met de kans op ziekenhuisopname (Purdy et al., 2011). Risicofactoren voor ziekenhuisopname bij COPD-patiënten met een exacerbatie zijn onder andere: langdurige zuurstoftherapie, slechte algemene gezondheidstoestand, weinig lichamelijke activiteit, ernstige vorm van COPD, lage BMI, hoge leeftijd en gebrekkig hulpzoekgedrag bij exacerbaties (Bahadori & FitzGerald, 2007).

Disease management lijkt opname te kunnen voorkomen

Met disease management programma’s (ketenzorg, transmurale zorg) tracht men de zorg voor patiënten met astma of COPD te verbeteren. In verschillende overzichtstudies werd de conclusie getrokken dat disease management ziekenhuisopnamen bij COPD-patiënten kan voorkomen (Adams et al., 2007c; Peytremann-Bridevaux et al., 2008; Lemmens et al., 2009; Steuten et al., 2009; Lemmens et al., 2011). Elementen in die programma’s kunnen zijn: zorgcoördinatie en samenwerking tussen eerste- en tweedelijn, intensief contact tussen patiënt en case-manager (bijvoorbeeld bezoek thuis), educatie en ondersteunen van zelfmanagement, gebruik van richtlijnen en een informatiesysteem waarmee alle betrokkenen elkaar kunnen informeren. Hoe meer elementen een programma bevat, des te sterker lijkt de kans op ziekenhuisopname verkleind te worden. Zie voor een korte beschouwing over disease management bij COPD het deelrapport Effecten van preventie (pagina 107) van de VTV 2010 Van gezond naar beter. 

Naar boven

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Adams SG, Smith PK, Allan PF, Anzueto A, Pugh JA, Cornell JE.Systematic review of the chronic care model in chronic obstructive pulmonary disease prevention and management. Arch Intern Med 2007c; 167(6): 551-61
  • Bahadori K, FitzGerald JM.Risk factors of hospitalization and readmission of patients with COPD exacerbation--systematic review. Int J Chron Obstruct Pulmon Dis 2007; 2(3): 241-51
  • Bemt PMLA van den, Egberts ACG, Leendertse A. Hospital Admissions Related to Medication (HARM). Een prospectief, multicenter onderzoek naar geneesmiddel gerelateerde ziekenhuisopnames. Eindrapport. Utrecht: Institute for Pharmace Sciences,2006.
  • Calderon-Larranaga A, Carney L, Soljak M, Bottle A, Partridge M, Bell D, Abi-Aad G, Aylin P, Majeed A.Association of population and primary healthcare factors with hospital admission rates for chronic obstructive pulmonary disease in England: national cross-sectional study. Thorax 2011; 66(3): 191-6
  • Grant EN, Malone A, Lyttle CS, Weiss KB.Asthma morbidity and treatment in the Chicago metropolitan area: one decade after national guidelines. Ann Allergy Asthma Immunol 2005; 95(1): 19-25
  • Kynyk JA, Mastronarde JG, McCallister JW.Asthma, the sex difference. Curr Opin Pulm Med 2011a; 17(1): 6-11
  • Lemmens KM, Lemmens LC, Boom JH, Drewes HW, Meeuwissen JA, Steuten LM, Vrijhoef HJ, Baan CA.Chronic care management for patients with COPD: a critical review of available evidence. J Eval Clin Pract 2011.
  • Lemmens KM, Nieboer AP, Huijsman R.A systematic review of integrated use of disease-management interventions in asthma and COPD. Respir Med 2009; 103(5): 670-91
  • OECD, Organisation for Economic Co-operation and Development. Health at a Glance 2011: OECD Indicators. Paris: OECD Publishing,2011.
  • Peytremann-Bridevaux I, Staeger P, Bridevaux PO, Ghali WA, Burnand B.Effectiveness of chronic obstructive pulmonary disease-management programs: systematic review and meta-analysis. Am J Med 2008; 121(5): 433-443 e4
  • Postma DS.Gender differences in asthma development and progression. Gend Med 2007; 4 Suppl B: S133-46
  • Purdy S, Griffin T, Salisbury C, Sharp D.Emergency respiratory admissions: influence of practice, population and hospital factors. J Health Serv Res Policy 2011; 16(3): 133-40
  • Reeves MJ, Bohm SR, Korzeniewski SJ, Brown MD.Asthma care and management before an emergency department visit in children in western Michigan: how well does care adhere to guidelines?. Pediatrics 2006; 117(4 Pt 2): S118-26
  • Restrepo RD, Alvarez MT, Wittnebel LD, Sorenson H, Wettstein R, Vines DL, Sikkema-Ortiz J, Gardner DD, Wilkins RL.Medication adherence issues in patients treated for COPD. Int J Chron Obstruct Pulmon Dis 2008; 3(3): 371-84
  • Steuten LM, Lemmens KM, Nieboer AP, Vrijhoef HJ.Identifying potentially cost effective chronic care programs for people with COPD. Int J Chron Obstruct Pulmon Dis 2009; 4: 87-100
  • Uijen JH, Schellevis FG, Bindels PJ, Willemsen SP, van der Wouden JC.Low hospital admission rates for respiratory diseases in children. BMC Fam Pract 2010; 11: 76
  • Wolfenden LL, Diette GB, Skinner EA, Steinwachs DM, Wu AW.Gaps in asthma care of the oldest adults. J Am Geriatr Soc 2002; 50(5): 877-83

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

BMI
Body Mass Index
Maat voor (over)gewicht in kg/(lengte in m2).
COPD
Chronic obstructive pulmonary disease
Chronische obstructieve longziekten.
HARM
Hospital Admissions Related to Medication
OECD
Organisation for Economic Co-operation and Development
Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling. URL ledenlijst van de OECD: http://www.oecd.org/document/58/0,3746,en_2649_201185_1889402_1_1_1_1,00.html
SEH
Spoedeisende hulp
Zorgbalans, versie 3.2, 22 december 2011
© RIVM, Bilthoven.