Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Zorgbalans
Uitgavengroei landelijk Uitgavengroei per sector

Uitgavengroei landelijk

De uitgavengroei was in de periode 2007-2009 groter dan in de voorgaande jaren, maar daalde in 2010

Figuur 1 laat zien dat de nominale (totale) uitgavengroei tussen 2007 en 2009 groter was dan de jaren ervoor, ongeacht de gehanteerde definitie van zorguitgaven (voor meer info over de definities, zie hier). De groei bedroeg in deze periode gemiddeld ruim 6% volgens de Zorgrekeningen en 7% volgens het BKZ (CBS Statline, 2011b; VWS, 2010a). In 2010 stegen de totale uitgaven aan zorg minder hard, met 3,6%.

In het afgelopen decennium was er tussen 2001 en 2003 sprake van een sterke groei in zorguitgaven. Na een vervolgens scherpe daling van de groei, liep deze de afgelopen jaren dus weer op. Het begrote budget (BKZ) werd in bijna alle jaren overschreden. In 2008 en 2009 was de groei vooral sterk in de ziekenhuiszorg, de gehandicaptenzorg en de ggz, zie hieronder.

Figuur 2 toont de uitgavengroei vanuit internationaal perspectief. Omwille van de vergelijkbaarheid is gecorrigeerd voor inflatie en groei in bevolkingsomvang. Tussen 2000 en 2008 kende Nederland een gemiddelde jaarlijkse uitgavengroei die iets boven het gemiddelde lag van alle landen in figuur 2. Internationaal gezien was de uitgavengroei vooral in de jaren 2001-2003 en in 2007 en 2008 aan de hoge kant. Overigens zag de meerderheid van de westerse OECD-landen een relatief sterke groei tussen 2001 en 2003 (OECD, 2009).

Helaas kan niet op een gedetailleerde wijze rekening worden gehouden met de vergrijzing en de effecten ervan in verschillende landen, omdat internationaal gedifferentieerde data (uitgaven naar leeftijd) ontbreken. Eerdere studies geven wel aanwijzingen dat de mate van vergrijzing nauwelijks invloed heeft op internationale verschillen in het niveau van de zorguitgaven en uitgavengroei (zie bijvoorbeeld Richardson & Robertson, 1999; Reinhardt, 2003). Ierland en het Verenigd Koninkrijk, de landen die een hoge stijging lieten zien, hebben in hun beleid bewust gekozen voor extra investeringen in de zorg.

Uitgavengroei

Figuur 1: Jaarlijkse nominale uitgavengroei (%), 2000-2009 (Bron: VWS, 2009; VWS, 2010a; VWS, 2010e; CBS Statline, 2011b; OECD, 2010)a.

a BKZ = Budgettair Kader Zorg (= netto BKZ + eigen betalingen); SHA = System of Health Accounts

Uitgavengroei internationaal

Figuur 2: Gemiddelde jaarlijkse reële uitgavengroei per inwoner (%), 2000-2008 (Bron: OECD, 2010)a.

a Uitgaven aan verzorgingshuizen, gehandicaptenzorg en thuiszorg tellen in de internationale definitie niet mee. Het laatste jaar voor Australië, Canada, Japan en Zwitserland is 2007.


Uitgavengroei per sector

In 2010 was de uitgavengroei het sterkst in de ouderenzorg en de paramedische zorg

Figuur 1 toont de jaarlijkse nominale uitgavengroei voor de verschillende zorgsectoren tussen 2000 en 2010 (CBS Statline, 2011b). Tussen 2000 en 2004 vertoonde de uitgavengroei een vergelijkbaar patroon in de verschillende sectoren. De periode 2005-2009 toonde een meer wisselend beeld. De voorlopige Zorgrekeningen cijfers over 2010 laten zien dat de uitgavenstijging in dat jaar het sterkst was in de ouderenzorg (5%) en de paramedische zorg (7%). In 2008 en 2009 kenden vooral de ggz, de gehandicaptenzorg en de ziekenhuiszorg een sterke groei. De uitgaven aan geneesmiddelen en huisartsenzorg groeiden tussen 2008 en 2010 in beperkte mate.

Op een aantal momenten viel een grotere uitgavenstijging samen met de invoering van nieuwe vormen van bekostiging. De uitgavenstijging in de huisartsenzorg in 2006 volgde op de invoering van een nieuw bekostigingssysteem. In 2008 wijzigde de financiering van medisch specialisten in ‘prestatiebekostiging’ met als basis een aan diagnose behandeling combinaties (dbc) gekoppeld normtarief. In 2010 heeft een correctie op deze tarieven plaatsgevonden. Mede hierdoor was de uitgavengroei in de ziekenhuiszorg in 2010 lager dan in voorgaande jaren. De uitgavenstijging in de ggz in 2008 en 2009 volgt op de opsplitsing van de ggz in een Zvw-deel (geneeskundige ggz) en een AWBZ-deel (langdurige ggz). Voor het Zvw-deel is een dbc-systeem ingevoerd (net als in de ziekenhuiszorg).

Zowel in de ziekenhuiszorg als in de ggz is al meerdere jaren sprake van een sterke groei in het aantal patienten en het aantal uitgevoerde behandelingen (voor meer details, zie volumegroei). Vooral het aantal dagbehandelingen in de ziekenhuiszorg en het aantal ambulante contacten in de ggz is sterk gestegen (GGZ NL, 2010). De groei van de gehandicaptenzorg in 2008 en 2009 kwam voor een belangrijk deel voort uit capaciteitsuitbreiding. De uitgaven aan langdurige zorg gefinancierd via het pgb groeiden in 2008 met ongeveer 27% en in 2009 met ongeveer 18%. In totaal werd in 2009 ongeveer € 2 miljard aan zorg uitgegeven via pgb's (CVZ, 2010).

Uitgavengroeisector_26mei2

Figuur 1: Jaarlijkse nominale uitgavengroei per sector (%), 2000-2010 (Bron: CBS Statline, 2011b).

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • CBS Statline. Zorgrekeningen; uitgaven (in lopende en constante prijzen) en financiering. Centraal Bureau voor de Statistiek2011b.
  • CVZ.Zorgcijfers kwartaalbericht, financiële ontwikkeling in de Zvw en de AWBZ. Diemen, 2010.
  • GGZ NL, GGZ Nederland.Zorg op waarde geschat: Sectorrapport ggz 2010. Amersfoort, 2010.
  • OECD, Organisation for Economic and Cooperation and Development.OECD Health Data. 2010.
  • OECD, Organisation for Economic Co-operation and Development.Health at a Glance 2009. Paris, 2009.
  • Reinhardt UE.Does The Aging Of The Population Really Drive The Demand For Health Care? Health Affairs, 2003; 22(6): 27-39.
  • Richardson J, Robertson I.Ageing and the Cost of Health Services: Working Paper no. 90. Sydney: Centre for Health Program Evaluation, 1999.
  • VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.Jaarverslag 2008. Den Haag, 2009.
  • VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.Jaarverslag 2009. Den Haag, 2010a.
  • VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.Rjksbegroting 2011, Hoofdstuk XVI Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Den Haag, 2010e.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

AWBZ
Algemene wet bijzondere ziektekosten
BKZ
Budgettair Kader Zorg
dbc
Diagnosebehandelingcombinatie
Een vooraf gedefinieerd gemiddeld zorgproduct dat de zorgverlener selecteert op basis van de zorgvraag van de patiënt. Bevat informatie over de zorgvraag, de diagnose en de benodigde behandeling. De dbc benoemt elke activiteit in de behandeling van de patiënt, van het eerste contact tot en met de laatste controle (bron: www.dbconderhoud.nl).
ggz
Geestelijke gezondheidszorg
OECD
Organisation for Economic Co-operation and Development
Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling. URL ledenlijst van de OECD: http://www.oecd.org/document/58/0,3746,en_2649_201185_1889402_1_1_1_1,00.html
pgb
Persoonsgebonden budget
Zvw
Zorgverzekeringswet
Zorgbalans, versie 3.2, 22 december 2011
© RIVM, Bilthoven.