U bevindt zich op:Zorgbalans›Kosten›Doelmatigheid›
De snelheid waarmee nieuwe kankermedicijnen in een land worden geïntroduceerd, nadat ze in Europa op de markt zijn gekomen, varieert tussen landen, in ieder geval in de jaren 1999 tot 2004 (Wilking & Jönsson, 2006). Meer recente data zijn helaas niet beschikbaar. Nederland kende voor deze medicijnen een gemiddelde adoptiesnelheid. Het rapport toont ook dat hoge investeringen in onderzoek niet per definitie samengaan met een hoge verspreidingssnelheid. Het Verenigd Koninkrijk investeert van deze landen het meest (per inwoner) in kankeronderzoek, maar loopt achter wat betreft de adoptie van nieuwe medicatie.
Tabel 1 toont voor een aantal kankermedicijnen hoe snel deze, na introductie op de Europese markt, zijn toegelaten in de verschillende landen. Voor vijf van de zeven middelen was de introductie op de Nederlandse markt gemiddeld of sneller dan gemiddeld. Bij het toelaten van nieuwe medicijnen zal een afweging worden gemaakt tussen de mogelijke nadelen/risico’s van nieuwe technologie waar in het beginstadium nog meer onzekerheid over is, en de mogelijk gemiste gezondheidswinst bij langer wachten.
Tabel 1: Adoptiesnelheid nieuwe kankermedicijnen (aantal maanden na introductie in Europa) (Bron: Wilking & Jönsson, 2006).a
Dikke darmkanker
Longkanker
Chronische myeloide leukemie
Non-Hodgskin’s lymfklierkanker
Borstkanker
Irinotecan
Oxaliplatin
Capecitabine
Vinorelbine
Gemcitabine
Imatinib
Rituximab
Trastuzumab
Europa
sep-95
jul-96
jun-98
jun-89
apr-95
jul-01
dec-97
nov-98
Bel
45
63
39
121
21
15
31
29
Den
NA
108
23
5
12
25
Dui
36
38
33
80
13
4
7
Fin
19
89
Fra
0
6
22
Ier
8
Ita
26
47
40
27
Ned
37
2
Noo
35
112
1
Oos
24
Spa
32
46
9
VK
18
96
Zwe
88
Zwi
81
Gem.
28
74
14
a NA = niet aanwezig in het rapport
BE = België; DEN = Denemarken; DU = Duitsland; FIN = Finland; FR = Frankrijk; IER = Ierland; IT = Italië; NL = Nederland; NO = Noorwegen; OOS = Oostenrijk; SP = Spanje; VK = Verenigd Koninkrijk; ZWE = Zweden; ZWI = Zwitserland; Gem. = Gemiddelde